Ruud Bitter neemt afscheid van Bureau Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC)

Ruim 10,5 jaar geleden werd coördinerend functionaris bevolkingszorg, Ruud Bitter, aangetrokken om de rampenbestrijding en crisisbeheersing van gemeenten in de VRHM naar een hoger plan te tillen. Nu gaat hij met pensioen. Hoe kijkt hij terug op deze periode? En wat adviseert hij ons voor de toekomst?

Ruud Bitter neemt afscheid van Bureau Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC)

2015_jun_Weeze_99

‘Cybercrime en Terrorisme Gevolg Bestrijding: dat zijn de nieuwe risico’s’

Ruim 10,5 jaar geleden werd coördinerend functionaris bevolkingszorg, Ruud Bitter, aangetrokken om de rampenbestrijding en crisisbeheersing van gemeenten in de VRHM naar een hoger plan te tillen. Nu gaat hij met pensioen. Hoe kijkt hij terug op deze periode? En wat adviseert hij ons voor de toekomst?

Hoe het begon
“Op 13 september 2007 stond ik in Alphen aan den Rijn voor een gezelschap van 31 gemeentesecretarissen. Ik vroeg: ‘Wat hebben jullie nodig om taken op het gebied van rampenbestrijding en crisisbeheersing beter te kunnen uitvoeren?’ Door het Algemeen Bestuur van de VRHM was ik aangesteld om de 31 gemeenten in Hollands Midden aan te zetten tot meer samenwerking. Het bestuur had het beeld dat de gemeenten op het gebied van rampenbestrijding en crisisbeheersing de zwakste schakel waren. Immers: de gemeentelijke medewerkers deden dit taakveld er een beetje bij. Er gebeurde vrijwel nooit wat, maar als dat wel zo was dan wist niemand precies wat te doen. Niet bepaald ideaal georganiseerd dus.”

Dit heb ik gedaan
“Ik ben eerst goed gaan luisteren, Want waar hadden al die verschillende gemeenten precies behoefte aan? Waar lagen zij wakker van? Wat hadden zij nodig? Daarna heb ik in 2008 het visiedocument ‘Oranje Kolom’ gepresenteerd. Met daarin voorstellen om de rampenbestrijding en crisisbeheersing beter te organiseren. Bijvoorbeeld door opleidingen en oefeningen centraal te coördineren vanuit een regionaal bureau, later het Bureau Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC). En door de ambtenaren die dit als deeltaak hadden in hun gemeenten op allerlei manieren met en van elkaar te laten leren. Ultiem doel: op de taakvelden rampenbestrijding en crisisbeheersing een regionale eenheid smeden.”

En toen kwam de Wet
In oktober 2010 zag de Wet Veiligheidsregio’s het levenslicht. De geest van deze wet was dat er regionaal moest worden samengewerkt op het gebied van rampenbestrijding en crisisbeheersing, in regionale eenheden conform de 25 politieregio’s. Maar de wet vertelde niet hoe dat moest gebeuren. Een coördinerend functionaris zou die taak voor bevolkingszorg moeten vervullen. Het Algemeen Bestuur heeft toen tegen mij gezegd: ‘Ga die visie Oranje Kolom als coördinerend functionaris maar uitvoeren’.”

Tussendoor: regionalisering
“Vrijwel gelijktijdig werd ik benoemd tot projectleider Regionalisering Brandweer Hollands Midden. Pogingen om dat voor elkaar te krijgen waren tot dat moment mislukt, hoewel iedereen de noodzaak ervan inzag. Aan mij de taak om samen met een deskundige projectgroep dat proces bestuurlijk vlot te trekken. En dat lukte. De regionalisering kwam er. Deze opdracht was voor mij heel nuttig, want daardoor heb ik de brandweer als organisatie goed leren kennen.”

Crisiscommunicatie

“In de jaren die volgden hebben we op de terreinen rampenbestrijding en crisisbeheersing qua samenwerking verschillende grote stappen gezet. Een mooi voorbeeld is de crisiscommunicatie. Zo zijn vrijwel alle communicatiefuncties geregionaliseerd. De pools worden gevuld door specifiek opgeleide communicatiemedewerkers van gemeenten en hulpdiensten. De professionalisering en het beheer van deze pools is een taak van het BGC. Indien nodig kan iedere gemeente daar gebruik van maken.”

Bevolkingszorg op Orde

“Een belangrijke mijlpaal was ook de landelijke uitgave van het visiedocument Bevolkingszorg op Orde 2.0. Daarin wordt uitgelegd wat bevolkingszorg anno nu in zou moeten houden. Uitgangspunten als zelfredzaamheid en meer aansluiting zoeken op maatschappelijke verwachtingspatronen zijn daarbij centraal gesteld. Doel: de focus leggen bij die zaken die bepalend zijn bij rampenbestrijding en crisisbeheersing. En dus niet meer framen dat de overheid wel eventjes alle problemen zal gaan oplossen. Van de inwoners mag worden verwacht dat zij ook in tijden van een ramp hun eigen verantwoordelijkheid kennen en nemen. Deze nieuwe visie is ontwikkeld door een klein clubje wetenschappers en praktijkmensen, waar ik ook aan mocht deelnemen.”

En toch oppassen..
“Hoewel we de bevolkingszorg in de VRHM-gemeenten aardig op de rit hebben, blijft er altijd werk aan de winkel. Allereerst moet voorkomen worden dat de aandacht voor het onderwerp wegzakt. En dat gebeurt naarmate er langer geen ramp of incident plaatsvindt. Daarnaast komen er nieuwe risico’s op ons af: cybercrime en terrorismegevolgbestrijding (TGB). Dat zijn nieuwe maatschappij ontwrichtende risico’s en vraagstukken, waar we een passend antwoord op moeten zien te vinden.”

Nog wat aandachtspunten
“We moeten daarnaast wat mij betreft nog meer risico-gestuurd gaan werken. Ofwel: nadenken over hoe we rampen en crises kunnen voorkomen. Neem de tunnel voor de Rijnlandroute die straks gegraven wordt. Het is goed dat wij daar ook in een vroeg stadium aan tafel zitten zodat we op de bepalende momenten aan de juiste instanties advies uit kunnen brengen. Datzelfde geldt voor de multidisciplinaire adviezen die aan de gemeenten worden uitgebracht in het kader van de evenementenveiligheid. Voorkomen is immers beter dan genezen. Ook zie ik graag meer aandacht voor risicocommunicatie. Ook dat is immers een wettelijke taak van gemeenten. Maar wat is dat dan? En hoe gaan we dat doen? Daar valt nog een inhoudelijke slag te maken.”

Het blijft een gevecht
“De kunst zal blijven om rampenbestrijding en crisisbeheersing op de agenda te houden. Best lastig, want de sense of urgency wordt niet altijd gevoeld. Bovendien staan gemeenten vanwege bezuinigingstaakstellingen onder druk. Terwijl investeringen in geld en in mensen broodnodig zijn om de kwaliteit van rampenbestrijding, crisisbeheersing en onze bevolkingszorg op peil te houden. Dat blijft dus een gevecht.”

Bij ‘t Gilde

“Straks ga ik met pensioen. Ik blijf nog wel een beetje in het vakgebied actief. Zo ga ik nog wat dingen doen voor het Instituut Fysieke Veiligheid. Momenteel volg ik een opleiding als stadsgids. Vanaf 1 mei ga ik in die hoedanigheid bij ’t Gilde Leiden aan de slag. Daar heb ik veel zin in.”

Ten slotte…
“Aan mijn collega’s van BGC zou ik willen meegeven: blijf beseffen dat je baas ook je klant is; de veiligheidsregio is immers van en voor de gemeenten. Blijf vooral doorgaan op de ingeslagen weg. En wees altijd alert op nieuwe bedreigingen.”